KleurenBlind
KleurenBlind

Camouflage voor kleurenblinden

14 januari 2018

Tijdens de Tweede Wereldoorlog en daarna, bijvoorbeeld in de Vietnamoorlog, maar ook nu gaan er verhalen rond dat kleurenblinden door camouflage heenkijken; het wel of niet gebruiken van camouflage maakt voor hen niet uit.

Een voorbeeld hiervan staat beschreven in het Amerikaanse tijdschrift Time [1] van augustus 1940:

Een man van 20 die in meer of mindere mate kleurenblind is, kan om die reden niet in aanmerking komen voor de opleiding als piloot of verkenner van de luchtmacht. Vorige week meldde de School of Flight Medicine van de luchtmacht een interessant voorval.

In een vliegtuig in Fort Sill, Oklahoma (in Amerika ‐red.) begin deze zomer, kon een verkenner van het luchtmacht slechts 10 van de 40 gecamoufleerde artillerie stukken op de grond zien. Een verkenner van de veldartillerie in een vliegtuig zag alle 40 en zette nauwkeurig hun posities op zijn kaart. De verklaring: de artillerist, geselecteerd onder minder strenge eisen dan de man van de luchtmacht, was kleurenblind. Camouflage, ontworpen om het normale oog te misleiden, hield hem niet voor de gek.

Vorige week, in de School of Flight Medicine, hebben de medewerkers van de administratie de dossiers met kandidaten doorgespit om een lijst te maken met kandidaten die worden afgewezen vanwege kleurenblindheid. Maar de luchtmacht wil nog steeds geen kleurenblinde piloten. Een piloot moet onderscheid kunnen maken tussen kleuren van lichtkogels, veldverlichting, etc., waarbij een fout kostbaar zou zijn.

Op hetzelfde moment werd dit verschijnsel werd voor het eerst wetenschappelijk beschreven [2], waarbij er drie mogelijkheden werden aangegeven hoe een kleurenblinde door camouflage heen zou kunnen kijken.

  1. Stel dat een gebouw is bedekt met onregelmatige vlakken van verschillende kleuren als camouflage. Hierdoor valt het profiel van het gebouw weg in de achtergrond. Echter, een kleurenblinde zou zich niet bewust zijn van alle gebruikte kleuren en daarom wel het profiel van het gebouw zien.
  2. Voor rood-kleurenblinden zien de kleuren rood en geel er donkerder uit dan normaal (zie soorten). Als er bepaalde kleuren zitten in de camouflage van zowel een gebouw als in de achtergrond, zouden deze voor een rood-kleurenblinde extra contrast geven. Dan wordt de camouflage dus minder goed.
  3. Het zou mogelijk zijn dat voor een normaal kleurenzienden twee kleuren hetzelfde zijn, maar voor een kleurenblinde (in het geval van protanomalie, deuteranomalie, tritanomalie; zie soorten) niet. Een gebouw valt dan weg in de achtergrond voor de normaal kleurenziende, maar voor een kleurenblinde niet.

In de Van Dale:

ca·mou·fle·ren - 1. onzichtbaar of althans onopvallend maken etc.

Figuur 1. Voorbeelden van vierkanten © Morgan et al, 1992 [5]
Enkele jaren later, in 1943, werden camouflage en kleurenblindheid in meer detail bekeken. Hierbij kwamen dezelfde drie mogelijkheden naar voren [3], maar zonder deze ook echt te testen. Midden jaren 70 heeft het Amerikaanse leger dit wel gedaan, waarbij echter geen bewijs werd gevonden voor een voordeel voor kleurenblinden met camouflage [4].

Onderzoek uit 1992 laat wel zien dat rood- en groen-kleurenblinden (protanopen, deuteranopen) patronen herkennen die normaal kleurenzienden slechter zien [5].
In de eerste test kregen de deelnemers van het onderzoek kort figuur 1 a te zien. Dit figuur is verkleind, de echte test bestond uit 30 bij 30 staande rechthoeken. Maar een deel daarvan bestond uit liggende rechthoeken, 7 bij 7 rechthoeken groot. Dit werd de afwijkende plek genoemd. Alle rechthoeken waren rood of groen gekleurd. Zowel de normaal kleurenzienden als de kleurenblinden vonden de afwijkende plekken even goed. Maar, zodra de rechthoeken willekeurig rood of groen werden gekleurd (camouflage; zie figuur b), zagen de kleurenzienden nog maar in de helft van de gevallen de afwijkende plekken. In de tweede test waren de rechthoeken in de afwijkende plek niet alleen liggend, maar ook groter. Toch was het resultaat hetzelfde als de eerste test. Tijdens de derde test waren de rechthoeken vervangen door de letter 'B', behalve in de afwijkende plek. Daar stond nu de letter 'A'. En ook nu waren de resultaten hetzelfde als in de eerste test. Een aanwijzing dat er waarheid zit in de geruchten.

Figuur 2. Voorbeelden van platen © Saito et al, 2005 [6]
Een variant op het bovenstaande onderzoek lijkt deze conclusie te bevestigen [6]. In dit onderzoek kregen kleurenzienden en groen-kleurenblinden (deuteranoop en deuteranomalie) telkens twee platen te zien, zie figuur 2. Elke keer was er een cirkel (willekeurig rood, groen of camouflage) te zien met een van de andere platen (driehoek, ruit of vierkant) in dezelfde kleur. Het doel was om zo snel mogelijk aan te geven aan welke kant de cirkel was, links of rechts. Een groen-kleurenblinde zag de cirkel even snel zonder én met camouflage. Een normaal kleurziende zag de cirkel met camouflage ook, maar dat kostte wel meer tijd in vergelijking met de rode of groene figuren.

Vanuit een andere hoek komt een aanwijzing voor de derde mogelijkheid die in 1940 al werd aangegeven. In dit onderzoek van 2005 [7] spelen groen-kleurenblinden (deuteranomalie) de hoofdrol. Er werd bestudeerd of er twee kleuren licht mogelijk zouden zijn die er hetzelfde uitzien voor kleurenzienden, maar voor groen-kleurenblinden twee verschillende kleuren zouden opleveren. Dit bleek rond de 520nm te zitten, oftewel bij groen licht. Vervolgens werd gekeken of dit ook echt zo was door testen met normaal kleurenzienden en groen-kleurenblinden. En inderdaad, groen-kleurenblinden zagen twee kleuren. Maar voor normaal kleurenzienden zagen ze er hetzelfde uit.

Apen?

Kapucijnaapje op een tak in een tropisch bos
Door David M. Jensen (Storkk)
- Eigen werk, CC BY-SA 3.0, link.
De bevindingen bij mensen worden versterkt door onderzoek bij kapucijn- en klauwaapjes. Beide aapsoorten eten met name insecten en fruit. De vrouwelijke aapjes kunnen gek genoeg 2 of 3 kleuren zien; mannelijke aapjes zien altijd maar 2 kleuren. En wat blijkt, de 'kleurenblinde' kapucijnaapjes (mannetjes en vrouwtjes) zijn beter in het vangen van gecamoufleerde insecten dan de normaal kleurenziende aapjes [8]. Dit geldt ook voor de klauwaapjes [9].

Daartegenover staat dat de kleurenziende kapucijn- en klauwaapvrouwtjes, die dus 3 kleuren zien, beter het rode fruit in de bomen vinden [10,11]. De gevonden verschillen kleurenblinde en kleurenzienden aapjes hebben niets te maken dat het mannetjes of vrouwtjes zijn. Het lijkt echt alleen te maken te hebben met het kunnen zien van 2 of 3 kleuren [12,13].

Kortom

Er lijkt er sterk op dat er een kern van waarheid te zitten in de verhalen van 1940 en later: Verschillende onderzoeken, bij mensen en apen, wijzen erop dat kleurenblinden door camouflage heen kunnen kijken.

Zie jij 'm?

Scherpschutters zijn meesters in het opgaan in de omgeving. In ieder van de onderstaande foto's is een scherpschutter verborgen. Over het algemeen ziet een kleurenblinde de scherpschutters vrij snel, terwijl anderen ze na (lang) zoeken toch vinden of helemaal niet zien [14]. Klik op de foto om te zien waar de scherpschutter is verborgen. Succes!

Recht voor je neus (makkelijk)

Uitrusten op steen (moeilijk)


Zien als kleurenblinde

Toets inkleuren

Blog overzicht

Bibliografie

  1. Editor (1940) National Defense: Color-Blind Observers. Time, 5th of August link
  2. Editor (1940) Colour-Blindness and Camouflage. Nature, 146: 226 link naar PDF
  3. Judd, D. B. (1943) Colorblindness and the detection of camouflage. Science, 97: 544-546 link
  4. Whittenburg, J.A. en anderen (1974) Defective Color Vision, Filters, Film and the Detection of Camouflaged Targets: An Annotated Bibliography. Technical memo 7-74, US ARMY link
  5. Morgen, J.M. en anderen (1992) Dichromats detect colour-camouflaged objects that are not detected by trichromats. Proc. R. Soc. Lond. B, 248: 291-295 link
  6. Saito, A. en anderen (2006) Advantage of dichromats over trichromats in discrimination of color-camouflaged stimuli in humans. Proc. R. Soc. Lond. B, 248: 291-295 link
  7. Bosten, J.M. en anderen (2005) Multidimensional scaling reveals a color dimension unique to 'color-deficient' observers. Current Biology, 15: R950-2 link
  8. Melin, A.D. (2007) Effects of colour vision phenotype on insect capture by a free-ranging population of white-faced capuchins, Cebus capucinus. Animal Behaviour, 73: 205-214 link
  9. Smith, A.C., en anderen (2012) Effect of colour vision status on insect prey capture efficiency of captive and wild tamarins (Saguinus spp.). Animal Behaviour, 83: 479-486 link
  10. Melin, A.D., en anderen (2017) Trichromacy increases fruit intake rates of wild capuchins (Cebus capucinus imitator). Proceedings of the National Academy of Sciences, 114: 10402-10407 link
  11. Smith, A.C., en anderen (2003) The effect of colour vision status on the detection and selection of fruits by tamarins (Saguinus spp.). Journal of Experimental Biology, 206: 3159-3165 link
  12. Melin, A.D., en anderen (2010) Can color vision variation explain sex differences in invertebrate foraging by capuchin monkeys?. Current Zoology, 56: 300-312 link
  13. Buchanan-Smith, H., en anderen (2005) The effect of sex and color vision status on prey capture by captive and wild tamarins Saguinus spp. The American Journal of Primatology, 66: 49 link.
  14. Simon Menner simonmenner.com link.

Vector illustratie van vecteezy.com door happymeluv.

⋀ menu